Abraham Maslow (1908 - 1970) 

'What a man can be, he must be. This need we call self-actualization.'

'What is necessary to change a person is to change his awareness of himself.'

Bij psychologie denken we vooral aan psychisch disfunctioneren. Maslow richtte zich echter vooral op het gezonde in de mens. Mensen willen groeien en zich ontwikkelen. Maslow noemt dit de behoefte aan zelfverwerkelijking. Zelfverwerkelijkers zijn betrokken de zogenoemde 'zijnswaarden'. Denk daarbij aan schoonheid, waarheid, goedheid, perfectie, eenvoud, heelheid, rechtvaardigheid, speelsheid, uniciteit en vitaliteit.

Maslow wordt beschouwd als de belangrijkste theoreticus van de humanistische psychologie. Hij werd geboren in Brooklyn, New York, als oudste van 7 kinderen van laag opgeleide Joodse immigranten uit Rusland. Zijn ambitieuze vader wilde dat hij Rechten ging studeren, maar al gauw besloot hij over te stappen voor zijn grote interesse: de psychologie. In dezelfde periode trouwde hij met Bertha Goodman, zijn nichtje. Hij kwam terecht op de University of Wisconsin in Madison, studeerde af in 1930 (BA) en 1931 (MA) en promoveerde in 1934.

Van dier naar mens
Gedurende die jaren deed hij onderzoek naar dominant gedrag bij primaten bij Harlow. Harlow is bekend geworden door zijn onderzoek naar baby-aapjes. Deze moesten kiezen tussen twee kunstmoeders, de een met voedsel, de ander met vacht. De uitkomst: voor hechting is voedsel alleen niet genoeg. 

In 1935 zette hij zijn onderzoek voort bij de bekende psycholoog Thorndike van Columbia University in New York. Hij richtte zich op motivatie bij dieren. Gaandeweg maakte hij de overgang naar de mens, specifiek het  onderzoek van intelligentie en leervermogens bij kinderen en volwassenen. 

Hij gaf van 1937-1951 colleges aan het Brooklyn College. Dit waren ook de jaren dat hij sociaal gedrag en motivatie bij mensen onderzocht. Hij begon te werken aan zijn motivatietheorie (een befaamd artikel uit 1943 was A Theory of Motivation). In 1951 werd hij hoofd van de psychologiefaculteit van Brandeis University.

Hij was tot 1969 verbonden aan deze universiteit. In 1970 overleed hij aan een hartaanval.

De psychologie van de derde weg
Maslow wordt beschouwd als de belangrijkste theoreticus van de zogeheten humanistische psychologie. Deze school, die opkwam vanaf de jaren '40, bood een alternatief voor de psychoanalyse en het behaviorisme. Vandaar dat de humanistische psychologie ook wel de psychologie van de derde weg wordt genoemd.

Persoonlijkheids- en motivatietheorie
Net als anderen die een persoonlijkheidstheorie ontwikkelden, erkent Maslow het belang van lichamelijke en sociale behoeften. De vervulling van de lichamelijke behoeften is van belang om te overleven: eten en drinken, slaap, seks en bescherming tegen bedreigende omstandigheden zoals hitte, vrieskou en storm. Bij de sociale behoeften moeten we denken aan veiligheid, zekerheid, sociaal contact, liefde, waardering en het gevoel er bij te horen. 

De fysiologische en de sociale behoeften doen zich gelden als er een tekort ontstaat. Om die reden worden ze deficiëntie-behoeften genoemd.

Maar volgens Maslow wordt de mens ook nog gemotiveerd door een inherente tendens om te groeien en zich te ontwikkelen, ook als aan de deficiëntiebehoeften is voldaan, of beter gezegd, juist dan. Maslow noemt dit de behoefte aan zelfverwerkelijking en hij kenmerkt deze behoefte als groeibehoefte.

De piramide van Maslow
Maslow dacht over de hierboven genoemde behoeften in termen van een hiërarchie. De schematische weergave van deze hiërarchie staat bekend als de piramide van Maslow. Een gangbare weergave is de volgende:

De gedachte achter deze hiërarchie is, dat mensen aan gerichtheid op een hogere behoefte toekomen, als de meer basale behoeften in voldoende mate bevredigd zijn.

Zelfverwerkelijking
Zelfverwerkelijking betekent een streven naar het ontwikkelen van je mogelijkheden. Maslow richtte zijn onderzoek niet op psychische problemen of pathologisch functioneren, maar op gezonde mensen. De nadruk lag op de wijze waarop en de condities waaronder individuen er in slagen zichzelf te ontplooien. En ook onderzocht hij de relatief kleine groep mensen die in psychologische opzicht uitzonderlijk goed functioneren. Deze groep noemde hij de zelfverwerkelijkers (naar schatting van Maslow zelf gaat het hier om minder dan 1% van de bevolking). Het beeld van deze mensen levert ook een beeld op van gezond psychisch functioneren. We zien hier de normatieve inzet van de humanistische psychologie ten volle gerealiseerd.

Zelfverwerkelijkers zijn mensen die meer dan gemiddeld aan onder meer de volgende kenmerken voldoen:

  • Ze aanvaarden zichzelf en anderen voor wat ze zijn
  • Ze zijn spontaan in doen en denken
  • Ze zijn zeer creatief
  • Ze kunnen goed tegen onzekerheid
  • Ze nemen de realiteit efficiënt waar en kijken objectief naar het leven
  • Ze zijn betrokken op het welzijn van de mensheid
  • Ze hebben een groot gevoel voor humor
  • Ze zijn probleemgericht in plaats van ik-gericht
  • Hun relatiepatroon kenmerkt zich door diepe en bevredigende contacten met enkelen (in tegenstelling tot veel contacten)
  • Ze weten eenvoud diep te waarderen
  • Ze hebben een democratische karakterstructuur
  • Ze hebben een sterke behoefte aan onthechting en privacy

Afweer en groei
Maslow stelt zichzelf de vraag wat mensen tegenhoudt om zich als zelfverwerkelijker te ontplooien. Het lijk toch zo'n mooi beeld. Hij gaat ervan uit, dat ieder mens twee soorten 'krachten' in zich heeft: (1) krachten gericht  op veiligheid en afweer en (2) krachten gericht op heelheid, de groei van zijn unieke zelf en het volledig ontwikkelen van zijn mogelijkheden. 

Mensen die vooral defensief gericht zijn, zien bij uitdagingen in het leven met name de risico's. Voordelen nemen ze minder sterk waar. Groei-gerichte mensen zien juist minder de risico's en hebben een sterker oog voor voordelen. 

Piekervaringen
Een van de fenomenen die Maslow in het kader van optimaal functioneren van mensen onderzocht, zijn de zogenoemde piekervaringen. Dit zijn in essentie identiteitservaringen. 

Piekervaringen worden gekenmerkt door een gevoel van eenheid, het gevoel samen te vallen met de wereld; je zit op het toppunt van je kunnen en functioneert moeiteloos, je heb een verantwoordelijkheidsbesef en ervaart dat je jezelf kunt bepalen, je voelt je vrij van blokkades en remmingen en in staat tot spontaniteit, expressiviteit en creativiteit. Ze zijn in verband gebracht met religieuze, mystieke en transcendente ervaringen, en met de ervaring van flow.

Zijnswaarden
Waarden zijn volgens Maslow niet alleen een kwestie van ethiek. Hij beschouwt ze ook als psychologische data. De keuzes die mensen op basis van waarden maken kunnen worden beschreven als een naturalistisch waardensysteem. Een van de consequenties van hiervan is, dat menselijkheid (menswaardigheid) een meetbare, psychologische definitie heeft. 

Zelfverwerkelijkers zijn zonder uitzondering betrokken op een aantal waarden die door Maslow als zijnswaarden (Being-values) worden genoemd. Hij noemt onder andere: schoonheid, waarheid, goedheid, perfectie, eenvoud, heelheid, rechtvaardigheid, speelsheid, uniciteit en vitaliteit. Deze zijnswaarden fungeren als behoeften. Ze worden ter onderscheid van de basisbehoeften van de piramide ook wel als meta-behoeften gezien.

De blijvende betekenis van Maslow is dat hij de mogelijkheden tot menselijke groei en persoonlijke ontwikkeling definitief op de kaart heeft gezet.

Auteur van deze tekst - Drs. Jan Hein Mooren 

__________________________________________________________________________

Verder lezen

Maslow, A.H. (1971) Ontplooiing. Wijdere perspectieven voor de ontwikkeling van de mens. Rotterdam: Lemniscaat.

Maslow, A.H. (1974): Psychologie van de Wetenschap. Rotterdam: Lemniscaat.

Maslow, A.H. (1974): Psychologie van het menselijk zijn. Rotterdam: Lemniscaat.

Maslow, A.H. (1976): Motivatie en persoonlijkheid. Rotterdam: Lemniscaat.

Goble, F. (1974): De Psychologie Van Abraham Maslow. Rotterdam, Lemniscaat.