Martha Nussbaum (1947)

'Pluralisme en respect voor verschil zijn in zichzelf universele waarden.' (Women and Human Development, p.32).

Martha Nussbaum verenigt twee kwaliteiten die zich maar zelden in een persoon laten verbinden. Zij is een internationaal erkend politiek denker. Maar daarnaast zet zij zich ook in de praktijk in voor sociale rechtvaardigheid wereldwijd, voor intensiever en respectvoller uitwisseling tussen culturen en continenten en voor een nieuwe moraal van wereldburgerschap. Recht op eigen levensovertuiging en respect voor die van anderen vormt het hart van deze moraal.

Tragedie en reflectie
De klassieken hebben Nussbaum door en door vertrouwd gemaakt met de grote tragedies die de menselijke conditie tekenen. Filosofie is voor haar in de eerste plaats de kunst om reflexief met fundamentele menselijke ambities en conflicten om te gaan. Door telkens vanuit een ander perspectief de interactie tussen tragedie en reflectie te belichten, slaagt Nussbaum er in om de breedte van de menselijke existentie en de diepte van tegenstrijdige emoties die zich daarbij aandienen voor het voetlicht te brengen. Tevens ontleent ze daaraan de kernthema's waarmee ze filosofie en ethiek in gesprek brengt. Een heel scala aan menselijke strevingen komt zo tot leven en ook de risico's die daarmee verbonden zijn en de obstakels die het streven naar een gelukkig leven dikwijls dwarsbomen. De titel van haar eerste en in mijn ogen mooiste boek, The Fragility of Goodness, 'De broosheid van het goede' (1986), geeft dit treffend aan.

Goede menselijke ontwikkeling
Doordrongen van deze visie op menselijke ontplooiing betrad Nussbaum vervolgens het terrein van de politieke filosofie - haar tweede kwaliteit - en ging zij, aanvankelijk in het kader van de Verenigde Naties, deelnemen aan internationale debatten over wat onder goede menselijke ontwikkeling behoort te worden verstaan. Zij verzette zich tegen de in haar ogen veel te smalle standaard van het Bruto Nationaal Product die door economen en beleidsmakers in de begin jaren '90 als norm van ontwikkeling werd gehanteerd. Evenzeer echter keerde ze zich tegen theorieën die menselijke ontwikkeling op de eerste plaats definiëren in termen van behoefte en afhankelijkheid of van nut en persoonlijke voorkeur. Samen met de econoom Amartya Sen ontwierp zij een nieuw concept van ontwikkeling dat bekendheid kreeg onder de naam Human Development Capability Approach (HDCA). Er bestaat geen goed Nederlands woord voor capability. De beste vertaling is 'capaciteit in aanleg'.

De capabilities benadering
Nussbaums capabilities benadering cirkelt rond drie kernideeën.
Elk mens wordt geboren als een kwetsbaar wezen vol mogelijkheden en talenten die ieder zelf tot ontwikkeling moet kunnen brengen om zo de mens te worden die hij of zij in aanleg is. 
Anderen zijn daarbij onmisbaar, want zonder hun zorg, hulp, ondersteuning, vriendschap en liefde kan geen mens tot leven komen. Door de manier waarop anderen meeleven, beïnvloeden zij het al dan niet lukken van de ontwikkeling. Ieder mens blijft echter zelf verantwoordelijk voor dit proces. 
Een goede samenleving is een samenleving die elk van haar leden in de gelegenheid stelt om zijn capaciteiten te ontplooien en die daarvoor ook de materiële, juridische, politieke en culturele voorwaarden schept, minstens tot een drempelniveau.

Volgens Nussbaum - en daarin ligt haar belangrijkste onderscheid met Sen - kunnen de capabilities die fundamenteel zijn voor een volwaardig menselijk bestaan in tien punten worden ondergebracht. Daartoe behoren:

  • in staat zijn (en dus in staat gesteld worden) om tot leven te komen;
  • om een lijfelijk gezond en veilig leven te leiden;
  • om zich intellectueel, affectief en creatief te ontwikkelen;
  • om eigen afwegingen te leren maken over wat goed is en niet goed;
  • om relaties aan te gaan en bij de vormgeving daarvan zelf betrokken te worden;
  • en om mee te beslissen over de inrichting van de eigen politieke, sociale en ecologische leefomgeving.

Mensen komen pas echt tot leven als ze deze potenties tot ontplooiing kunnen brengen. Cruciaal is dat ontplooiing alleen kan slagen als mensen tegelijkertijd de vrijheid kunnen ontwikkelen om zelf te kiezen hoe ze hun capaciteiten vorm geven. Menswaardige ontwikkeling staat of valt met deze vrijheid. Daarom wordt vrijheid wel de basis capability genoemd. Door vrijheid zo centraal te stellen maakt Nussbaum niet alleen ruimte voor een grote variëteit aan levenskeuzen en levensstijlen, zowel op individueel als op cultureel niveau, maar maakt zij tevens inzichtelijk waarom de manier waarop de capabilities gestalte krijgen principieel pluriform is. Een rijke diversiteit aan levensstijlen en culturen maakt dus de essentie uit van een humane samenleving. Vandaar haar stelling: 'Pluralisme en respect voor verschil zijn in zichzelf universele waarden.'

Toepassingen
De capabilities benadering geeft, aldus Nussbaum, overheden en beleidsmakers een instrument in handen om de samenleving te humaniseren. Ook in de jaarlijks verschijnende Human Development Reports van de Verenigde Naties is de invloed van deze benadering herkenbaar aanwezig. Maar de implicaties van de capabilities benadering heeft Nussbaum zelf het meest overtuigend uitgewerkt voor het gebied van educatie en onderwijs enerzijds en om het recht van vrouwen op een volwaardige ontwikkeling kracht bij te zetten anderzijds. Haar boeken Cultivating Humanity (1997) en Not For Profit. Why Democracy Needs the Humanities (2010) bevatten een scherpe kritiek op het huidige, door economisch nut geleide onderwijssysteem, met name in Amerika, en geven talrijke concrete suggesties hoe onderwijs en opvoeding een centrale rol kunnen spelen in de vorming tot menselijkheid en wereldburgerschap. Women and Human Development (2000), het boek waarin de capabilities benadering voor het eerst systematisch uiteen werd gezet, en Sex and Social Justice (1998) illustreren het tweede aandachtsgebied.

Samen met Amartya Sen is Nussbaum de stichter van de Human Development Capability Association, een internationaal interdisciplinair samenwerkingsverband waarin mensen uit allerlei disciplines wereldwijd samenwerken.

___________________________________________________________________________

Over de auteur van dit werk - Prof. dr. Henk Manschot

Verder lezen (veel is ook naar het Nederlands vertaald)

  • Aristotle's De Motu Animalium (1978)
  • The Fragility of Goodness: Luck and Ethics in Greek Tragedy and Philosophy (1986)
  • Love's Knowledge (1990)
  • The Quality of Life (1993) (samen met Amartya Sen)
  • The Therapy of Desire: Theory and Practice in Hellenistic Ethics (1994)
  • Poetic Justice (1996)
  • For Love of Country (1996)
  • Cultivating Humanity: A Classical Defense of Reform in Liberal Education (1997)
  • Sex and Social Justice (1998)
  • Women and Human Development (2000)
  • Upheavals of Thought: The Intelligence of Emotions (2001)
  • Hiding From Humanity: Disgust, Shame, and the Law (2004)
  • Animal Rights: Current Debates and New Directions (redactie) (2004)
  • Frontiers of Justice: Disability, Nationality, Species Membership (2006)
  • Liberty of Conscience: The Attack on America's Tradition of Religious Equality (2007)
  • Not For Profit: Why Democracy Needs the Humanities (2010)
  • Creating Capabilities: The Human Development Approach (2011)
  • The New Religious Intolerance. Overcoming the Politics of Fear in an Anxious Age (2013)
  • Political Emotions. Why Love matters for Justice (2013)
  • Anger and Forgiveness: Resentment, Generosity, Justice (2016)