religie en religiekritiek

Alevieten

'Om tot God te komen hoef je niet naar Mekka te gaan; mijn Mekka is de mens; het Goddelijke zit in de mens zelf.'

Dalai Lama, (1999)

'In de eerste plaats ben ik Tibetaan voor dat ik Dalai Lama ben, maar voor dat ik Tibetaan ben, ben ik vooral ook mens.'

Baron d'Holbach (1723 - 1789)

'Kortom, bewijst niet alles dat moraal en deugd totaal niet samengaan zijn met de noties van een god?'

Friedrich Nietzsche (1844 - 1900)

Nietzsches verkondiging van de dood van God draaide om een herwaardering van alle waarden. Elk individu dient zijn vrijheid en verantwoordelijkheid op zich te nemen vanuit een onvoorwaardelijke affirmatie van het leven, amor fati. Hoewel Nietzsche een anti-humanist was, werd zijn filosofie gedreven door een zorg om de mens.

Franz Junghuhn, (1854)

'We moeten blind geloof verwerpen, maar zelf nadenken en alles onderzoeken'

Dirck Volkertsz. Coornhert      

'Ghevangen te worden is mij gheenen schande / My slechte knecht, t gebuert den meesten van den landen / En al heb dy mijn dienstbaer lichame gevangen / Mijn ziel is vry, geen Mensch mach die vangen noch hanghen'.

Max Weber (1864 - 1920)

'Het is het lot van onze tijd, met de haar eigen rationalisering en intellectualisering, vooral: de onttovering van de wereld, dat juist de laatste en meest sublieme waarden zijn teruggetreden uit de openbaarheid (...)' 

Bertrand Russell, (1927)

'Ik denk niet dat de werkelijke reden dat mensen religie accepteren iets met argumentatie te maken heeft. Ze accepteren religie op emotionele gronden. Religie is, denk ik, bovenal gebaseerd op angst. Het gaat deels om de vrees voor het onbekende en deels (...) om de wens een soort oudere broer te hebben die voor je klaar staat in al je problemen en onenigheden.'  (vertaling door redactie)

John Dewey, (1934)

'Twijfels zijn een teken van vertrouwen in de methode van het intellect. Het zijn tekenen van vertrouwen, niet van een bleek en machteloos scepticisme.'

Multatuli, (1861)

 
'Ik ken U niet, o God! Ik riep U aan, ik zocht,
Ik smeekte om antwoord, en Gy zweegt! Ik wôu zo graag Uw wil doen... niet uit vrees voor straf, uit hoop op loon, 
Maar zo als 't kind den wil zyns vaders doet... uit liefde!

Ten Bokkel, (1893)

'We menen dat de godsdienst, zooals zij in ons landje door dominees, pastoors, rabbis, enz. wordt geleerd, op den duur het volk ongelukkig maakt.'

Ludwig Feuerbach, (1841)

'Niet een god schept de mensen, maar de mensen scheppen zich een god naar hun beeld.'

Sigmund Freud, (1927)

'Stellig zal de mens (wanneer men hem de religieuze illusie afpakt - red.) in een lastige situatie verkeren, hij zal zichzelf heel zijn hulpeloosheid, zijn onbeduidendheid in het wereldse raderwerk moeten bekennen, hij zal niet langer het middelpunt van de schepping, niet langer het voorwerp van liefderijke zorg van een goedgunstige voorzienigheid zijn. Hij zal zich in dezelfde positie bevinden als het kind dat het ouderlijk huis verlaten heeft, waarin het zich zo warm en behaaglijk voelde. Maar het infantilisme is toch gedoemd te worden overwonnen, nietwaar? De mens kan niet eeuwig kind blijven.' (Conclusie)